Regeerakkoord: wat verandert er voor bedrijven?

Het regeerakkoord is openbaar gemaakt en het ziet er voor particulier en ondernemer goed uit! In deze blogserie gaan we na wat dit voor jou betekent. We hebben de belangrijkste zaken voor je op een rij gezet. Dit is geen compleet beeld van álle maatregelen, maar een samenvatting van de punten die het belangrijkst zijn voor ondernemers.

In deze blog leggen we uit wat de gevolgen zijn van het nieuwe regeerakkoord voor jouw bedrijf.

Het hele regeerakkoord lezen en de presentatie terugkijken kan hier.

Werknemers

Om te voorkomen dat vaste werknemers, flexwerkers en zzp-ers elkaars concurrenten worden, wordt er gewerkt aan een beleid waarbij vast minder vast wordt en flexwerk minder flex.
De ambitie die in het regeerakkoord wordt uitgesproken is dat meer mensen een contract voor onbepaalde tijd krijgen en dat schijnzelfstandigheid wordt aangepakt.

De lasten op arbeid zullen fors verlaagd worden, om werken meer te laten lonen.

Het kabinet wil diverse maatregelen nemen om het werkgeverschap aantrekkelijker te maken. Onderdelen hiervan zijn:

Makkelijker ontslag wanneer verschillende issues (zoals verwijtbaar handelen, disfunctioneren of een verstoorde arbeidsrelatie) die los van elkaar niet genoeg zijn voor ontslag tegelijk aan de orde zijn. Hier staat wel tegenover dat de rechter een hogere vergoeding voor de werknemer kan toekennen.

Werknemers hebben volgens de plannen in dit regeerakkoord niet meer pas recht op een transitievergoeding als ze twee jaar in dienst zijn geweest, maar vanaf het begin. Wel wordt de mogelijkheid verruimd om scholingskosten in mindering te brengen op de transitievergoeding. Twee knelpunten met de transitievergoeding worden opgepakt, bij langdurige arbeidsongeschiktheid wordt de werkgever gecompenseerd voor de transitievergoeding en bij ontslag om bedrijfseconomische redenen is er geen transitievergoeding. Ook als een werkgever zijn bedrijf stopzet, zal er worden gecompenseerd voor de transitievergoeding.

De ambitie is om het tarief voor de WW-premie zo aan te passen dat het aanbieden van een vast contract aantrekkelijker wordt.

Met verschillende maatregelen wordt het in dienst hebben van een medewerker flexibeler. Er is een maximum aan het aantal keren dat een tijdelijk contract mag worden aangeboden. Als hier een periode van 6 maanden bij is, staat de teller weer op nul. Wat nieuw is, is dat er ruimte komt om in bepaalde gevallen, zoals bij seizoenswerk, van de 6 maanden norm af te wijken. Nu gaan na 2 jaar elkaar opvolgende tijdelijke contracten om in een vast contract, dit wordt 3 jaar. Je mag dus langer tijdelijke contracten aanbieden. De maximale proeftijd wordt verlengd, afhankelijk van het contract dat wordt aangeboden.

De loondoorbetaling bij ziekte zorgt voor veel zorgen, met name bij kleine werkgevers. Dit kan voor een periode van 2 jaar een grote kostenpost vormen doordat je personeel betaalt dat niet productief is. Deze periode waarin de werkgever deze kosten draagt wordt voor MKB bedrijven verkort naar één jaar. De verplichting voor loondoorbetaling gaat dan over naar het UWV. Wel blijft de ontslagbescherming in stand, een arbeidsongeschikte werknemer kan voor 2 jaar niet worden ontslagen. Er komt een premie die MKB bedrijven betalen om deze kosten te dekken. Het risico op hoge of ondraagbare kosten wordt dus in feite vervangen door een vaste premie. Ook de periode van premiedifferentiatie in de WGA wordt gehalveerd, wat ook voor een lastenverlichting bij ziekte zorgt.

Om de positie van payrollers te versterken, moeten hun arbeidsvoorwaarden ten minste gelijk zijn aan die bij het bedrijf dat de payrollers inhuurt. Ook voor uitzendkrachten zal er meer sociale zekerheid komen, waardoor het inhuren duurder wordt.

Inhuur van ZZP-ers

De wet DBA, waarvan de handhaving per 1 januari 2018 zou starten, wordt vervangen door een nieuwe wet. De doelstelling is om enerzijds bij de inhuur van zelfstandigen de zekerheid te bieden dat er geen sprake is van een dienstbetrekking en anderzijds schijnzelfstandigheid te voorkomen. De modelcontracten worden dan dus niet meer gebruikt.

In de nieuwe wet zal in ieder geval worden opgenomen dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst bij de combinatie van een laag tarief in combinatie met een langdurige overeenkomst of het verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten. Van een laag tarief is sprake als het tarief minder is dan 125 % van het minimumloon of lager is dan de laagste loonschalen in de relevante cao’s. Het minimumtarief zal waarschijnlijk rond de € 15 tot € 18 per uur uitkomen. Een langdurig contract is langer dan 3 maanden.

Aan de bovenkant van de markt (een hoog tarief in combinatie met een korte overeenkomst of niet reguliere bedrijfsactiviteiten) komt er een opt-out regeling voor de loonbelasting en werknemersverzekeringen. Een hoog tarief wordt waarschijnlijk vanaf € 75 per uur, een korte duur wordt waarschijnlijk korter dan een jaar.

Voor zelfstandigen boven het lage tarief wordt een opdrachtgeversverklaring ingevoerd. Via een webtool geeft de opdrachtgever antwoord op enkele vragen over de aard van de werkzaamheden en de gezagsverhouding. Als deze naar waarheid is ingevuld, kan de opdrachtgever gevrijwaard worden van loonbelasting en premies werknemersverzekeringen.

Na invoering van deze nieuwe regelgeving zal er een jaar terughoudend gehandhaafd worden. In dat jaar heeft de belastingdienst een meer adviserende rol.

Ondernemen

De wet- en regelgeving zal worden gemoderniseerd om beter aan te sluiten op maatschappelijke en technologische ontwikkelingen. Daarnaast is de ambitie om de regeldruk te verminderen. Om dit te bereiken gaan de diverse inspecties beter met elkaar samenwerken. De regelvrije zones voor proefprojecten en testlocaties worden vergroot, waardoor er onder andere meer ruimte ontstaat om te experimenteren met drones.

De overheid gaat ook bij haar eigen inkopen meer inzetten op duurzame transities en het inschakelen van kwetsbare groepen. Daarnaast moeten aanbestedingen toegankelijker worden voor het MKB en verlaagt de overheid haar betalingstermijn, alle facturen aan de overheid worden in 30 dagen betaald.

Er zal een Nederlandse financierings- en ontwikkelingsinstelling worden opgezet, InvestNL. Hiervoor komt 2,5 miljard euro beschikbaar.

Er zullen maatregelen genomen worden om bedrijven uit vitale sectoren te beschermen tegen overnames. Voor deze overnames is goedkeuring van de overheid nodig. Hierbij kunnen ook voorwaarden worden gesteld door de overheid.

Om ondernemingen te beschermen tegen de invloed van activistische aandeelhouders komen er twee maatregelen:

Beursgenoteerde ondernemingen die op de Algemene Vergadering van Aandeelhouders te maken krijgen met een voorstel voor een fundamentele strategiewijziging kunnen een bedenktijd van maximaal 250 dagen inroepen.

Beursgenoteerde bedrijven met een jaaromzet van meer dan 750 miljoen euro krijgen de mogelijkheid aandeelhouders met een belang van meer dan 1 % te vragen zich te registreren bij de AFM als grootaandeelhouder.

De Autoriteit Consument en Markt (ACM) zal een speciaal team oprichten op het gebied van digitale mededinging. Hiermee kan beter worden opgetreden tegen machtsmisbruik van dominante spelers op de markt. Ook krijgt de ACM een speciaal team voor de voedselketen.

De Wet Markt en Overheid zal worden aangescherpt om ongewenste concurrentie tussen overheden en bedrijven te voorkomen.

De positie van franchisenemers zal worden versterkt met aanvullende wetgeving.

De overheid beschikt over een grote hoeveelheid data. Deze worden vindbaar en toegankelijk gemaakt in de vorm van open data.

Start-ups en publiek-private samenwerking met MKB bedrijven zullen worden gestimuleerd.

Belastingen

In de belastingen zal er veel veranderen. De doelstelling is om werk, winst en vermogen minder te belasten. Daartegenover zullen consumptie en klimaatimpact zwaarder belast worden.

De vennootschapsbelasting zal worden verlaagd van 20 % (t/m € 200.000 winst) en 25 % (boven € 200.000 winst) naar 16 % (t/m € 250.000) en 21 % (boven € 250.000) vanaf 2021. Hier tegenover staat wel een beperking van de renteaftrek en een beperking van de mogelijkheden om verliezen in het ene jaar te compenseren met winst in andere jaren.

De dividendbelasting zal worden afgeschaft. Hierdoor ontvang je meer dividend, van het vastgestelde dividend wordt geen belasting meer ingehouden. Dit (hogere) dividendbedrag wordt wel belast als inkomsten in box 2.

Er komen diverse fiscale en organisatorische maatregelen om het gebruik van Nederland als land met gunstig belastingregime te beperken.

De belasting over het inkomen in box 2 zal in stappen worden verhoogd van 25 % naar 28,5 % in 2021. Dit is de belasting die je betaalt over het voordeel uit aanmerkelijk belang (een belang van minimaal 5 %), zoals dividend.

De inkomstenbelasting zal worden verlaagd en versimpeld. Er komt een basistarief van 36,93 % en een hoog tarief van 49,5 %. De grens tussen deze tarieven komt op € 68.600. Dit is een versimpeling ten opzichte van het huidige systeem met 4 schijven (36,55 %, 40, % (in twee schijven gelijk), en 52 %). In dit huidige systeem begint het hoogste tarief bij € 67.072 Alleen mensen met een inkomen t/m € 19.981 gaan er op achteruit ten opzichte van 2017. Daarnaast worden de algemene heffingskorting en de arbeidskorting verhoogd.

Het lage btw tarief, voor onder andere voeding, zal in 2019 worden verhoogd van 6 % naar 9 %.

De belasting in box 3 zal beter worden aangesloten op het werkelijke rendement dat op sparen wordt behaald. Bovendien wordt de drempel voor het betalen van vermogensbelasting verhoogd van € 25.225 naar € 30.000.

Een groot deel van de aanpassingen in de belastingen zal pas in de tweede helft van de regeerperiode worden doorgevoerd. De belastingdienst moet hier namelijk eerst op inspelen.

Klimaatmaatregelen

Om de klimaatdoelstelling van Parijs te halen (een maximale opwarming van de aarde van 1,5 graden Celsius) zijn er veel maatregelen aangekondigd. Zo zal de uitstoot van broeikasgassen met 49 % verminderen ten opzichten van 1990. Er komt een nationaal Klimaat- en energieakkoord om hier vorm aan te geven. Dit wordt verankerd in een klimaatwet.

De energiebelasting zal aangepast worden om de belasting op gas en elektriciteit vanuit CO2-optiek evenwichtiger te maken. Zo wordt er onder andere een minimumprijs voor CO2-uitstoot ingevoerd.

In het regeerakkoord staat het voornemen om een kilometerheffing in te voeren voor het vrachtverkeer (“MAUT”). Het systeem voor de registratie van de kilometers zal aansluiten op de systemen in onze buurlanden.

Voor verschillende branches, zoals de woningbouw en sportverenigingen, komt er stimulering om de gebouwen te verduurzamen. Ook zullen de energie-eisen voor nieuwbouw worden aangescherpt.

Het kabinet zal de circulaire economie stimuleren door onder andere de ontwikkeling en verspreiding van kennis en best practices en het oplossen van knelpunten in de regelgeving en handhaving.

Tot slot

Meer lezen? Lees ook onze blogs over veranderingen voor jou privé en kansen voor bedrijven.

Bij SFAA denken we mee met ondernemers. We kijken verder dan de cijfers, ook naar bijvoorbeeld de wet- en regelgeving die voor jou relevant is en ontwikkelingen die kansen bieden. Wil je in een persoonlijk gesprek nagaan wat het nieuwe regeerakkoord voor jou en je bedrijf betekent? Maak dan snel een afspraak met een van onze adviseurs! Bel ons op 020-2610723 of mail naar info@sfaa.nl.