Berichten

Geld over? Sparen of beleggen?

Stel je hebt geld over, wat moet je hier dan mee doen? Sparen of toch liever beleggen? Welke optie is het slimst, ook rekening houdend met de belasting die je moet betalen over dit vermogen. In deze blog lees je de voor- en nadelen van verschillende interessante opties.

Je kan meerdere dingen doen met je spaargeld. Denk hierbij aan: sparen, schulden aflossen, investeren of beleggen. Maar de vraag is natuurlijk. Wat levert het meeste geld op? En hoeveel belasting betaal je hierover?

Sparen
Laten we beginnen bij optie 1: Sparen. Sparen brengt weinig risico’s met zich mee. Een ander voordeel van sparen is dat je zo bij deze rekening kan, als je geld nodig hebt heb je het binnen enkele minuten opgenomen van je spaarrekening. Maar er zit natuurlijk ook een nadeel aan, het levert namelijk weinig op. Het levert weinig op omdat de rente momenteel nihil is en in sommige gevallen zelfs negatief. In theorie betekent dit dat je geld betaalt om je spaargeld bij de bank te mogen stallen.

Sparen is daarom op dit moment dan ook niet super voordelig. Wel is het handig om een potje op te bouten en dit op je spaarrekening te zetten. Zo kun je ten alle tijden onvoorziene kosten betalen vanuit je spaarrekening. De hoogte van je potje hangt af van je gezinssituatie en van de kans op onvoorziene kosten die voor kunnen komen.

Belasting over je spaargeld
Maar hoe zit het dan met de belasting die je betaalt over je spaargeld? Is dat niet ontzettend zonde van je geld? Het klopt dat je over je vermogen (je spaargeld) belasting betaalt in box 3 van de inkomstenbelasting. Maar velen gaan er ten onrechte vanuit dat dit veel geld kost. Je betaalt namelijk niet over het eerste gedeelte van je spaargeld (heffingsvrij vermogen) en je betaalt alleen belasting over je rendement.

Maar dan komen we bij de vraag. Hoe zit het met de belasting die je betaalt over je spaargeld? Is dit niet zonde van het geld? Het klopt inderdaad dat je hierover belasting betaalt in box 3 van de inkomstenbelasting. Echter is dit minder dan men meestal denkt. Je betaalt namelijk niet over het eerste gedeelte van de spaargeld, heffingsvrij vermogen, en je betaalt alleen belasting over je rendement.

Beleggen
Beleggen kan veel meer rendement opleveren dan sparen. Maar hier zit ook een keerzijde aan, er is een risico dat je een gedeelte van je beleggingen kwijt raakt. Het is daarom ook aan te raden om klein te beginnen met beleggen, beleg alleen met geld dat je over hebt, dus nadat je een noodpotje hebt opgezet. Belangrijk is om research te doen naar de wereld van beleggen, zo weet je wat beleggen inhoudt.

Hypotheek aflossen
Er is nog een andere manier om je (spaar)geld nuttig te besteden, namelijk het aflossen van je hypotheek. Dit is zeer voordelig, je hebt namelijk geen vermogen meer dat belast is in box 3. Daarnaast worden je maandlasten van je hypotheek lager. Let er wel op dat je bij aflossingen waarbij je minder rente gaat betalen, je ook minder hypotheekrente hebt waarover je belasting kunt terugvragen in box 1 van de inkomstenbelasting. Dit is dus niet in alle gevallen de meest voordelige optie. Zet de voor- en nadelen voor jouw persoonlijke situatie dus wel even goed op een rijtje.

Misschien wel het grootste voordeel van je hypotheek aflossen is dat het een stuk rust geeft. Een hypotheek is en blijft toch gewoon een schuld en door het aflossen hiervan heb je in de toekomst lagere lasten. Uiteindelijk dien je deze toch af te lossen en alles wat je al gedaan hebt, scheelt weer.

Investeren
De laatste optie waar je over na kunt denken is het investeren van je spaargeld in slimme investeringen. Slimme investeringen zijn investeringen die zijn geld terugverdienden. Denk hierbij aan het isoleren van je woning of het aanschaffen van zonnepanelen.

Wat is nu het slimste: sparen of beleggen?
Maar de vraag is nu: Sparen of beleggen? Of toch liever je hypotheek aflossen of investeren in het energiezuinig maken van je woning? Dit hang af van je persoonlijke voorkeuren, de mate van risico die je wilt lopen, je vermogen, je inkomen, je hypotheek en hypotheekvorm, je toekomstplannen. Ga maar door, genoeg factoren om rekening mee te houden. Belangrijk is dat je goed verdiept in de verschillende scenario’s en uiteindelijk een keuze maakt.

Heb je vragen over de verschillende opties? Wacht dan niet en neem contact met ons op! Bel naar 020 2610723 of mail naar info@sfaa.nl

Bron: https://thehappyfinancial.com/sparen-of-beleggen/

Investeren in 2019 in bedrijfsmiddelen?

Investeren in 2019 in bedrijfsmiddelen? Dan kun je in vele gevallen gebruik maken van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Mocht je in aanmerking willen komen voor de KIA dan moet je wel voldoen aan de voorwaarden van investeringsaftrek. Wij hebben voor jou opgesteld waar je aan moet voldoen met jouw investeringen, heb je aan de hand van dit artikel nog vragen neem dan gerust contact met ons op!

Voorwaarden investeringsaftrek

Als je in 2019 meer dan €2.300 heeft geïnvesteerd in bedrijfsmiddelen (je kunt hierbij denken aan gebouwen, machines, apparatuur, transportmiddelen, inventaris) dan kun je in vele gevallen een gedeelte van dit investeringsbedrag aftrekken van de bedrijfswinst. Hierdoor kun je dus een gedeelte van je investeringen in 2019 terugkrijgen. Hierbij is wel de voorwaarde dat je de investeringsaftrek aanvraagt in het jaar waarin je de betalingsverplichting aangaat.

Aftrekmogelijkheden

Elk jaar komt de belastingdienst met een overzicht van de investeringsbedragen en bijbehorende percentages voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. In onderstaande tabel zie je hoeveel aftrek je kan verwachten bij diverse investeringsbedragen. Deze tabel komt rechtstreeks van de website van de belastingdienst.

InvesteringKleinschaligheidsinvesteringsaftrek
niet meer dan € 2.300€ 0
€ 2.301 t/m € 57.32128% van het investeringsbedrag
€ 57.322 t/m € 106.150€ 16.051
€ 106.151 t/m € 318.449€ 16.051 verminderd met 7,56% van het deel van het investeringsbedrag boven de € 106.150
meer dan € 318.449€ 0

Investeringen die niet vallen onder de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek

Niet voor alle investeringen komt u in aanmerking voor de KIA. Elke individuele investering moet namelijk minimaal 450 euro bedragen en mag niet bestemd zijn voor gebruik of verhuur in het buitenland. Daarnaast zijn de volgende specifieke bedrijfsmiddelen uitgesloten voor de KIA:

– Personenauto’s
– Gronden
– Dieren
– Effecten
– Vorderingen

Hoe zit het dan met samenwerkingen?

Maakt jouw onderneming deel uit van een samenwerkingsverband, zoals een vennootschap onder firma of een maatschap? Dan is er een andere manier voor het berekenen van de aftrek. Voor het bepalen van de aftrek wordt dan gekeken naar de totale investering van het samenwerkingsverband en niet naar de investering van elke onderneming afzonderlijk.

Iedere firmant of vennoot neemt het deel van de investering voor zijn rekening dat in verhouding is met zijn deel in de winst.

Voor toepassing van de investeringsaftrek mag je een andere verdeling toepassen. Daarbij gelden de volgende voorwaarden (overgenomen van de belastingdienst):

  • alle vennoten verdelen volgens hetzelfde criterium
  • de verdeling vindt plaats op redelijke basis (zie ‘Verdeling op redelijke basis’)
  • de verdeling geldt voor alle vormen van investeringsaftrek
  • de verdeling geldt voor alle vennootschappelijke investeringen van de deelnemers aan het samenwerkingsverband
  • bij de berekening van de desinvesteringsbijtelling mag u niet van een andere verdeling uitgaan dan bij de investeringsaftrek is gebruikt
  • een gezamenlijk verzoek waarin de verdeelsleutel is opgenomen en akkoord wordt gegaan met de voorwaarden, wordt ingediend voordat de aanslag inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting van 1 van de deelnemers aan het samenwerkingsverband definitief vaststaat

Ben je benieuwd of je in aanmerking komt voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek en hoe je kan investeren in 2019 in bedrijfsmiddelen? Of wil je meer weten over aftrekposten voor jouw onderneming? Klik dan hier of neem vrijblijvend contact met ons op via 020-2610723.

Wat is afschrijven en hoe werkt het precies? Je leest het bij SFAA.

Wat is afschrijven en hoe werkt het?

 Als ondernemer doet u veel verschillende uitgaven, de meeste uitgaven die u doet zoals kantoorartikelen en telefonie worden direct als kosten verwerkt in het lopende boekjaar. Er zijn echter ook uitgaven die u moet “activeren op de balans” en vervolgens in meerdere jaren gaat “afschrijven”. Dit zijn namelijk bedrijfsmiddelen die u meerdere jaren gebruikt in uw onderneming. Dit kan variëren van een machine of auto tot een gebouw, maar het kan ook ontastbaar zijn zoals de aanschaf van een patent. Het bedrijfsmiddel komt als bezit op uw balans te staan (zonder de btw) en de kosten worden over meerdere jaren uitgesmeerd (afschrijving).

Omdat het praktisch bijna onmogelijk is om alle bedrijfsmiddelen die langer dan een jaar meegaan op de balans te activeren, zoals bijvoorbeeld bureaustoelen, hanteert de belastingdienst een drempel van 450 euro (exclusief btw). Alle uitgaven onder dit bedrag mogen in 1 keer als kosten worden opgevoerd.

In welke periode schrijf ik af en tot welk bedrag?

Om dit te bepalen zijn er 3 belangrijke factoren, namelijk:

  1. De aanschafwaarde
  2. De restwaarde
  3. De vermoedelijke gebruiksduur in jaren

De meest gangbare methode om af te schrijven is via de lineaire methode, oftewel de aanschafwaarde minus de restwaarde gedeeld door de gebruiksduur. Dit is dan het bedrag dat per jaar kan worden afgeschreven.  De maximale afschrijving op materiële bedrijfsmiddelen is 20% van de aanschafwaarde per jaar. Het afschrijven van een Laptop gebeurt bijvoorbeeld in 5 jaar terwijl een bedrijfspand meestal in 30 tot 50 jaar wordt afgeschreven.

In sommige gevallen kan het interessant zijn om degressief af te schrijven omdat je bij degressief afschrijven versneld kan afschrijven, men kan de eerste jaren meer kosten boeken dan bij lineaire afschrijvingen. Het afschrijvingsbedrag mag maximaal 40% bedragen van de aanschafwaarde. Echter mag niet op alle activa degressief worden afgeschreven, dit mag alleen als ook de waarde voor de onderneming afneemt in de tijd.

Voorbeeld van lineaire afschrijving

U koopt op 1 april een laptop voor 1210 euro, deze moet worden geactiveerd op de balans. Aangezien er maximaal 20% mag worden afgeschreven  gaan we de laptop in 5 jaar lineair afschrijven, er is dan namelijk geen economische waarde meer. De jaarlijkse afschrijving is dus 200 euro.

De btw komt meteen als een terug te vragen bedrag bij de volgende aangifte op de balans, dit is € 210.

De laptop komt als een bedrijfsmiddel van € 1000 op de balans te staan. Er wordt dan per jaar € 200 van de waarde afgehaald en als kosten genomen (afschrijvingskosten). Omdat u de laptop tijdens een jaar hebt gekocht, wordt in het eerste jaar € 150 afgeschreven en is er nog een laatste afschrijving van € 50.

Voorbeeld van degressieve afschrijving

Nu passen we de degressieve afschrijving toe bij de aanschaf van de laptop uit het vorige voorbeeld. Zoals vermeld mag maximaal 40% per jaar worden afgeschreven. Dit tarief wordt toegepast op het bedrag dat nog afgeschreven dient te worden (de boekwaarde). Het eerste jaar bedraagt de afschrijving €400 (40% van €1000), het tweede jaar €240 (40% van €600), het derde jaar €144 (40% van €360) etc. Je ziet dat er wordt 40% afgeschreven van het nog af te schrijven saldo.

Slotopmerkingen

Wanneer u met afschrijvingen werkt, blijkt duidelijk het verschil tussen kosten en uitgaven. Uitgaven (of inkomsten) verwijzen naar uw cashflow, dus bij aanschaf van de laptop geeft u € 1210 uit. De kosten zijn bij een bedrijfsmiddel dat u op de balans zet op dat moment nog € 0, u maakt per jaar de kosten voor de afschrijving.

In onze voorbeelden is uitgegaan van een afschrijving per jaar. In de praktijk wordt ook vaak in een andere periode gewerkt, zoals per maand. U schrijft dan per jaar hetzelfde af, maar brengt meer spreiding aan om een beter zicht te krijgen op uw cijfers. Als u de afschrijvingen jaarlijks doorvoert, heeft u in december een onevenredig grote kostenpost.

In sommige gevallen kunt u zaken die los minder dan € 450 hebben gekost, als totaal activeren. Denkt u bijvoorbeeld aan de verschillende aankopen voor 1 verbouwing. Ook als u bij een laptop bijvoorbeeld een tas en/of een losse muis koopt, mag u deze mee activeren.

Koopt u iets dat u zowel voor meer als minder dan € 450 exclusief btw (bij 21 % btw: € 545) kunt kopen? Dan is het raadzaam om te overwegen of u liever iets koopt dat meteen als kosten wordt gerekend of iets dat geactiveerd wordt.

TIP!

Als u iets op de balans activeert kan dit betekenen dat dit ook meetelt voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, KIA. Door deze regeling betaald u minder belasting (inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting). Lees meer hierover in onze blog.
Wilt u advies bij uw investeringsbeslissing? Of hulp bij de verwerking in de boeken? Wij helpen u graag! Bel ons op 020-2610723 of stuur een mail aan info@sfaa.nl.

afschrijven

Investeren in een recreatiewoning, is dat slim?

Het komt steeds vaker voor dat Nederlands kiezen om te investeren in een recreatiewoning. De intentie hierbij is niet om te genieten van een eigen vakantie, maar juist om het te gebruiken als investering. Is dit eigenlijk wel slim om te doen?

Investeren in een vakantiehuis

Vakantiehuizen worden steeds vaker gezien als belegging, waarbij de huuropbrengsten een mooie verdiensten zijn. Sommige belastingadviseurs zijn van mening dat verhuur van vakantiehuizen meer oplevert dan de rente die wordt verkregen over spaargeld. En bovendien wordt dankzij de investering in een vakantiehuis de risico’s verspreid.

Toename tweede woningen

Uit onderzoek is gebleken dat het aantal Nederlanders dat een bungalow of strandhuisje koopt toeneemt. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat naast de reguliere woningmarkt, de markt voor recreatiewoningen ook aantrekt. Volgens de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) is de verwachting dat ongeveer 3.500 mensen in komende jaren een tweede huis zullen aanschaffen. Deze verwachtingen zijn onder andere gebaseerd op cijfers uit voorgaande jaren. Zo werden er in 2013 en 2014 1.750 vakantiehuizen in Nederland verkocht. Dit was 40 procent meer dan in 2012, toen de markt voor tweede huizen instortte.
Nederland telt in totaal zo een 110.000 recreatiewoningen.

‘Een tweede huis is als gevolg van de lage hypotheekrente zeer aantrekkelijk.’

Jonge beleggers

Volgens de NVM zijn de bezitters van een tweede huis relatief jong. Vooral de dertigers en veertigers tonen aanzienlijk veel belangstelling voor het aanschaffen van een vakantiehuis. De woning wordt voornamelijk gekocht met als doel geld te verdienen door verhuur. Vaak wonen ze er zelf niet in. Ook vijftigplussers schaffen vakantiehuizen aan, maar verblijven hier wel vaak zelf in.

Populaire bestemmingen

De eerdergenoemde jonge beleggers prefereren vooral huisjes in Nederlandse vakantieparken. De kans op goede verhuurrendementen is namelijk groot in Nederland. Een vakantiehuis in Nederland kost gemiddeld €171.000. De duurste vakantiehuizen bevinden zich op de Waddeneilanden met een waarde van gemiddeld €278.000.

Buitenlandse bestemmingen zijn eveneens populair. Veel voorkomende bestemmingen zijn Spanje, Frankrijk, Italië en Oostenrijk. Momenteel is er vooral veel belangstelling voor Spanje vanwege gedaalde huizenprijzen.

Vakantiehuis: waardevaste belegging

Om met een vakantiehuis een waardevaste belegging te creëren, is het wel verstandig goed na te denken over de locatie. Een goede locatie is essentieel omdat de vraag namelijk groter dan het aanbod moet zijn. De veiligheid van de belegging neemt af indien de tweede huis op een minder aantrekkelijke locatie en in verouderde vakantieparken is gevestigd.

Fiscale gevolgen

Investeren in een vakantiehuis is fiscaal gezien ook aantrekkelijk. Zo zijn de werkelijke huuropbrengsten onbelast. Echter, indien u in Nederland een tweede huis bezit moet u daar wel vermogensbelasting over betalen. Deze bedraagt 1,2 procent van de waarde per jaar.

Voor het buitenland gelden weer andere regels. Bijvoorbeeld de keuze tussen eigen geld inzetten of gaan lenen heeft fiscale gevolgen. Verder dient u ook rekening te houden met buitenlandse inkomstenbelasting. Voor meer informatie verwijzen wij u graag door naar deze website: Tweede woning in het buitenland.

Tot slot

Al met al kan worden geconcludeerd dat het steeds populairder wordt om te investeren in een recreatiewoningen op aantrekkelijke locaties. Dit resulteert namelijk in verdiensten door ze te verhuren. Het is een goed en veilig alternatief naast traditionele beleggingen.

Bent u van plan om een recreatiewoning te kopen? Of wilt u over het algemeen meer informatie/advies hierover? Bel ons dan op 020 26 10 73. Ook kunt u een mail sturen naar info@sfaa.nl. Wij helpen u graag bij het maken van uw keuze.

Intertrust is vandaag naar de beurs gegaan

Het Nederlandse trustkantoor Intertrust is vandaag naar de beurs gegaan. Intertrust regelt belastingzaken en levert administratieve dienstenen voor multinationals,middelgrote bedrijven, beleggingsfondsen en particuliere beleggers. De kernactiviteit is (net als bij SFAA) de belastingdruk voor klanten zo laag mogelijk te maken en de administratieve werkzaamheden overnemen.

Balanswaarde Intertrust

De balans van Intertrust laat zien dat het bedrijf voornamelijk uit immateriële activa bestaat. Van de totaalwaarde van 1,2 miljard bestaat 1 miljard uit de geschatte waarde van de merknaam en de klantrelaties, dit is relatief hoog. Verder isde winstmarge van Intertrust erg hoog, op een omzet van 166 miljoen euro in de eerste helft van dit jaar blijft er een bedrijfsresultaat van 69 miljoen euro. Dit is een winstmarge van 42 procent. Als de winstmarge zo hoog is, waarom is Intertrust dan naar de beurs gegaan? Voornamelijk om schuldreductie te genereren. Met de uitgifte van de aandelen is 486 miljoen opgehaald.

Risico`s voor belegger

Als er relatief veel immateriële activa in bezit is dan zijn er meer risico`s voor de belegger dan normaal. De eerste is dat als er cruciale specialisten weggaan en de grote klanten gaan met deze specialist mee, dan leidt dit tot een grote omzetdaling voor Intertrust. Verder is het dat als de G20 besluit om de belastingwetgeving aan te passen, dit er nadelig uit kan pakken voor Intertrust. Het derde belangrijke risico is de rente. De beursgang zorgt voor schuldreductie, maar er blijft nog een half miljard euro aan schuld over. Intertrust heeft zich beperkt ingedekt tegen renteschommelingen. Een sterke stijging van de rente leidt dus tot een forse stijging van de rentelasten.

De beursgang van Intertrust brengt dus een hoop risico`s met zich mee. Als u vragen heeft over deze beursgang, mail ons op info@sfaa.nl of bel ons op 020 26 10 73

 Intertrust is vandaag naar de beurs gegaan