Ben je benieuwd naar hoe je slim kunt omgaan met je inkomstenbelasting en de mogelijkheden die box 1 biedt? In dit blog duiken we diep in de wereld van de inkomstenbelasting en geven we praktische tips om je belastingdruk te verlagen. Lees alles over het eigenwoningforfait, de verschillende belastingtarieven en hoe ondernemers gebruik kunnen maken van aftrekposten!
Inhoudsopgave
Wat is inkomstenbelasting?
De naam zegt het al eigenlijk. De inkomstenbelasting is de belasting die je betaalt over je inkomen. Wat de inkomstenbelasting zo lastig maakt, zijn de 3 verschillende boxen waaruit de inkomstenbelasting uit bestaat. Elke box hanteert een ander tarief wat wordt geheven over een bepaald deel van je inkomen. Hier zetten we de drie boxen op een rijtje:
- Box 1: Belasting over belastbare inkomen uit werk en woning
- Box 2: Belasting over belastbare inkomen uit aanmerkelijk belang
- Box 3: Belasting over belastbare inkomen uit sparen en beleggen
In dit blog gaan we dieper in op belasting in box 1, dus belastbaar inkomen uit werk en woning. Heb je vragen over de blog of jouw box 1 inkomen? Neem vrijblijvend contact met ons op! SFAA helpt je graag verder.
Wat houdt box 1 precies in?
In box 1 betaal je belasting over je belastbare inkomen van werk en je woning. Dit komt neer op het inkomen uit loon, en in het geval van een eigen woning het eigenwoningforfait. Lees hieronder precies wat inkomen uit werk en inkomen uit woning betekent.
Inkomen uit werk: Loon
Inkomen uit werk kunnen verschillende vormen van inkomsten zijn. Zo vallen niet alleen je salaris en fooien in box 1, maar ook inkomen vanuit een uitkering of pensioen. Zo zijn er verschillende vormen van inkomen uit werk. Onder de werkenden is dit je loon, bonussen, fooien of eventuele uitkeringen van loon in natura. Heb je bijvoorbeeld met je onderneming een auto die je ook privé gebruikt (of krijg je dit van je werkgever), dan wordt dit als loon in natura gerekend, dit gebeurt met de bijtelling.
Voor ondernemers telt ook alleen het inkomen uit werk mee voor de inkomstenbelasting in box 1. Voor ZZP’ers of leden van een V.O.F. is dit hetzelfde als de winst van je onderneming, doordat jij zelf de rechtspersoon bent. Voor DGA’s (bv/nv) wordt het salaris belast in box 1. Dit is dus het DGA salaris. Keer je daarnaast dividend uit, dan valt dat in box 2.
Inkomen uit Woning: Eigenwoningforfait
Naast inkomen uit werk betaal je in box 1 ook belasting over het inkomen vanuit je eigen woning. Dit wordt het eigenwoningforfait genoemd. Zodra je een koopwoning in bezit hebt en dit ook jouw hoofdverblijf is, kom je in aanmerking voor het eigenwoningforfait. Het eigenwoningforfait is een percentage van de WOZ-waarde van je koopwoning op 1 januari van het voorgaande jaar dat de Belastingdienst bij de belastingaangifte bij je inkomen optelt. Het wordt namelijk gezien als een financieel voordeel doordat je op deze wijze bespaart op bijvoorbeeld huurkosten. De hypotheekrente mag je echter wel weer van je inkomen aftrekken aangezien dit een kostenpost is op dit voordeel.
De tarieven voor 2026 van het eigenwoningforfait zien er als volgt uit:
WOZ-waarde | WOZ-waarde | Eigenwoningforfait |
– | € 12.500 | 0% |
€ 12.500 | € 25.000 | 0,10% (maximaal €25) |
€ 25.000 | € 50.000 | 0,20% (maximaal €100) |
€ 50.000 | € 75.000 | 0,25% (maximaal €187,50) |
€ 75.000 | € 1.350.000 | 0,35% (maximaal € 4.725) |
€ 1.350.000 | – | € 4.725 + 2,35% van de waarde van de woning boven € 1.350.000 |
Voorbeeld berekening eigenwoningforfait
De WOZ-waarde van uw woning bedraagt: € 300.000. Om het eigenwoningforfait te berekenen, gebruik je het percentage van 0,35% aangezien het binnen de schaal van € 75.000 tot € 1.350.000. De berekening van het eigenwoningforfait verloopt dan als volgt: € 300.000 x 0,0035 = € 1.050. Binnen de schijf tot € 1.350.000 bereken je het forfait als percentage over de volledige WOZ-waarde. Boven € 1.350.000 geldt een vaste voet plus een opslag over het meerdere. In deze berekening is de hypotheekrenteaftrek buiten beschouwing gehouden.
Wat zijn de tarieven in box 1 in 2026?
In 2026 bestaat box 1 uit drie belastingschijven (voor wie op 1 januari 2026 de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt). Tot en met een belastbaar inkomen van € 38.883 betaal je 35,75% inkomstenbelasting. Over het deel van je inkomen tussen € 38.883 en € 78.426 geldt een tarief van 37,56%. Verdien je meer dan € 78.426, dan betaal je over het bedrag daarboven het hoogste tarief van 49,50%. Zodra je de AOW-leeftijd bereikt, geldt er een ander tarief.
Hoe ziet box 1 er in 2025 eruit?
Voor het belastingjaar 2025 (dus voor aangiftes over 2025 die veel mensen nu nog afronden) kende box 1 drie belastingschijven voor arbeidsinkomen (voor wie in 2025 66 jaar of jonger was). Tot en met een belastbaar inkomen van € 38.441 gold een tarief van 35,82%. Over het deel van je inkomen tussen € 38.441 en € 76.817 betaalde je 37,48%. En over het inkomen boven € 76.817 bleef het hoogste tarief van 49,50% van toepassing.
Bereikte je in 2025 de AOW-leeftijd, dan gold er voor de eerste schijf een aangepast tarief (omdat je in het jaar dat je AOW krijgt niet het hele jaar dezelfde premies betaalt).
Welke fiscale voordelen vallen te behalen in box 1?
Als ondernemer zijn er veel mogelijkheden om je inkomen uit loon en woning te drukken, dit doe je door je inkomen uit loon zoveel mogelijk in de laagste 2 schijven te houden en gebruik te maken van aftrekposten.
Maak gebruik van box 2 om de belastingdruk in box 1 te verlagen
Als ondernemer heb je de keuze om jezelf een salaris uit te keren (wat valt in box 1) of een deel van je winst als dividend uit te keren (wat valt in box 2). In sommige gevallen kan het voordeliger zijn om een deel van je inkomen in box 2 te laten belasten i.p.v. volgens de loonbelasting, omdat de tarieven in box 2 lager zijn dan het hoge tarief in box 1.
Rekenvoorbeeld: Loon vs. Dividend
Stel je bent eigenaar van een bv en hebt een verplicht dga-salaris van €75.000. Je onderneming heeft een goed jaar gehad en heeft een winst behaald van €100.000. Je wilt jezelf daarom €65.000 extra uitkeren. Dit kan je doen door jezelf een hoger salaris uit te keren (box 1), of door dit als dividend uit te keren (box 2). In beide gevallen betaal je vennootschapsbelasting (VPB). Deze twee mogelijkheden zien er als volgt uit. Let op, in de voorbeelden zijn eventuele aftrekposten, fiscaal partnerschap of eventuele andere fiscale regelingen buiten beschouwing gelaten.
Optie 1: Alles als loon in box 1
Je kiest ervoor om jezelf volledig €65.000 als salaris uit te keren. Dit komt neer op een totaal salaris van €140.000. Doordat je het als loon uitkeert, daalt de winst van je bedrijf naar €35.000. Over dit bedrag betaal je VPB. De VPB wordt door jouw vennootschap betaald, niet door jou persoonlijk. De berekening ziet er als volgt uit:
VPB: €35.000 x 19% = €6.650 belasting
Schijf 1: € 38.883 × 35,75% = € 13.901 belasting
Schijf 2: (€ 78.426 − € 38.883 = € 39.543) × 37,56% = € 14.852 belasting
Schijf 3: (€ 140.000 − € 78.426 = € 61.574) × 49,50% = € 30.479 belasting
De totale belasting die betaald moet worden bedraagt € 65.882 in 2026 (in 2025 was dit € 66.079) . Hiervan wordt €6.650 door de vennootschap betaald in de vorm van vennootschapsbelasting (VPB). Deze belasting wordt dus niet door de ondernemer persoonlijk betaald.
De resterende €59.232 (of € 59.429 in 2025) aan belasting komt uit de persoonlijke inkomsten van de ondernemer en wordt in box 1 verrekend. Dit bedrag betaalt de ondernemer dus zelf over zijn inkomen in box 1.
Optie 2: Gedeeltelijk loon en gedeeltelijk dividend
Als de ondernemer daarentegen kiest voor een dividenduitkering, wordt eerst 19% vennootschapsbelasting geheven over de € 100.000 winst die de BV maakt nu dit niet als loon wordt uitgekeerd (€ 19.000). We gaan in dit voorbeeld uit van € 100.000 winst in de BV ná aftrek van het DGA-loon. Dit wordt betaald door de bv van de ondernemer. Over de € 65.000 die je als dividend uitkeert, betaal je dividendbelasting in box 2. Daarnaast betaalt hij inkomstenbelasting in box 1 over zijn verplichte dga-salaris van €75.000. In box 2 betaal je in 2025 en 2026 belasting volgens de volgende schijven:
- 2025: 24,5% tot € 67.804, daarboven 31%
- 2026: 24,5% tot € 68.843, daarboven 31%
Omdat het dividend in dit voorbeeld € 65.000 is, valt het dividend in beide jaren volledig in de eerste schijf (24,5%) en wijzigt deze berekening ook niet.
Belastingberekening box 2 2025 en 2026:
VPB (blijft gelijk in dit voorbeeld)
VPB: € 100.000 × 19% = € 19.000 belasting
Dividend in box 2 (blijft gelijk in dit voorbeeld)
Dividend in box 2: € 65.000 × 24,5% = € 15.925 belasting
Loon in box 1 (2025)
Bij een loon van € 75.000 wordt de inkomstenbelasting in box 1 (2025) als volgt berekend:
Schijf 1: € 38.441 × 35,82% = € 13.770
Schijf 2: (€ 75.000 − € 38.441 = € 36.559) × 37,48% = € 13.702
Totaal loon in box 1 (2025): € 27.472 belasting
Loon in box 1 (2026)
Bij een loon van € 75.000 wordt de inkomstenbelasting in box 1 (2026) als volgt berekend:
Schijf 1: € 38.883 × 35,75% = € 13.901
Schijf 2: (€ 75.000 − € 38.883 = € 36.117) × 37,56% = € 13.566
Totaal loon in box 1 (2026): € 27.466 belasting
Alles bij elkaar komt de totale belastingdruk in dit voorbeeld uit op € 62.397 in 2025 en € 62.391 in 2026. In beide jaren bestaat dit uit € 19.000 VPB die door de BV wordt betaald, plus privébelasting over het DGA-loon en het dividend: het loon in box 1 is € 27.472 (2025) en € 27.466 (2026), en het dividend in box 2 blijft € 15.925 omdat € 65.000 in beide jaren volledig in de eerste schijf (24,5%) valt. Dat betekent dat de ondernemer zelf (via box 1 en box 2) € 43.397 in 2025 en € 43.391 in 2026 betaalt. In beide jaren is deze combinatie van loon en dividend in dit voorbeeld voordeliger dan alles als loon uitkeren, omdat je een deel van de uitkering tegen het lagere box 2-tarief laat belasten in plaats van volledig tegen de hogere box 1-tarieven.
Vergelijking en conclusie rekenvoorbeeld box 1
In optie 1 (alles als loon) bedraagt de totale belasting € 66.079 in 2025 en € 65.882 in 2026. Daarvan wordt € 6.650 betaald door de bv (VPB) en betaalt de ondernemer privé € 59.429 (2025) en € 59.232 (2026) via box 1. In optie 2 (loon + dividend) komt de totale belasting uit op € 62.397 in 2025 en € 62.391 in 2026. Daarvan wordt € 19.000 betaald door de bv (VPB) en betaalt de ondernemer privé € 43.397 (2025) en € 43.391 (2026) via box 1 en box 2. In dit voorbeeld scheelt dat dus ongeveer € 3.682 (2025) en € 3.491 (2026) aan totale belasting, en privé ongeveer € 16.032 (2025) en € 15.841 (2026) ten opzichte van alles als loon uitkeren.
Er zitten alleen wel nog een aantal haken en ogen aan deze constructie, je bent namelijk als DGA verplicht om een minimaal DGA salaris uit te keren dat bepaald wordt aan de hand van verschillende factoren. Dit wordt de gebruikelijk-loonregeling genoemd. Het kan dus zijn dat je toch in jouw specifieke situatie in het hoge tarief terechtkomt met je loonwinst. Precies weten hoe dit in elkaar steekt? Lees onze blog over het DGA salaris.
Daarnaast heeft box 2 ook nog diverse regels die ervoor kunnen zorgen dat de uitkering van dividend er anders uitziet dan in dit voorbeeld is weergegeven. Wil je meer weten? Lees dan onze blog over dividend uitkeren, of laat je adviseren door een van onze professionals om zeker te zijn van het ultieme voordeel in jouw persoonlijke situatie.
Maak gebruik van aftrekposten in box 1
Naast het verdelen van winst met je onderneming over de verschillende boxen zijn er diverse aftrekposten in box 1 die specifiek voor ondernemers gelden, zoals de zelfstandigenaftrek, startersaftrek en MKB-winstvrijstelling. Deze aftrekposten verlagen je belastbare inkomen, waardoor je minder belasting betaalt in box 1. Door strategisch gebruik te maken van deze mogelijkheden kun je als ondernemer flink besparen op je inkomstenbelasting.
Omdat aftrekposten geen invloed hebben op je belastbare inkomen als je eigenaar bent van een bv, nv of andere rechtspersoon waarbij de winst niet direct als loon wordt uitgekeerd, zijn de onderstaande aftrekposten vooral relevant voor zzp’ers en eigenaren van een V.O.F.
Zelfstandigenaftrek
De zelfstandigenaftrek is een belangrijke aftrekpost voor zowel zzp’ers als ondernemers met in een VOF. Voldoe je aan het urencriterium van minimaal 1.225 gewerkte uren per jaar voor je bedrijf, dan kun je in aanmerking komen voor deze aftrekpost. Voor 2026 bedraagt de zelfstandigenaftrek €1.200. Dit bedrag kan worden afgetrokken van je belastbare inkomen.
Startersaftrek
Startende ondernemers kunnen naast de zelfstandigenaftrek gebruikmaken van de startersaftrek, je moet dus ook voldoen aan het urencriterium. Daarnaast kun je deze aftrek gebruiken als je in de afgelopen vijf jaar maximaal twee keer gebruik hebt gemaakt van de zelfstandigenaftrek en in die periode minstens één jaar geen ondernemer was. Het is zo bedoeld als hulp om beginnende ondernemers extra kansen te bieden. In 2026 bedraagt de startersaftrek €2.123. Deze aftrek verlaagt je belastbare winst in box 1 verder, wat vooral in de opstartfase van je bedrijf een groot voordeel kan opleveren.
MKB-winstvrijstelling
Haast elke ondernemer komt in aanmerking voor de MKB-winstvrijstelling, ongeacht het urencriterium. Dit is een aftrekpost die net als de zelfstandigenaftrek in mindering wordt gebracht op je belastbare inkomen. De vrijstelling bedraagt 12.7% van je winst, na aftrek van de zelfstandigenaftrek en andere ondernemersaftrekken. De MKB-winstvrijstelling is vooral voordelig omdat het de belastingdruk vermindert zonder dat je aan specifieke voorwaarden hoeft te voldoen, zoals bij de zelfstandigenaftrek. De MKB-winstvrijstelling hoeft niet te worden aangevraagd en zou automatisch moeten verschijnen op je aangifte inkomstenbelasting. De vrijstelling is voor zzp’ers en ondernemers met een VOF (doordat hun winst gelijkstaat aan hun loon).
Investeringsaftrek (Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek – KIA)
Als je investeert in bedrijfsmiddelen, kun je gebruikmaken van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Dit betekent dat je een deel van je investering mag aftrekken van je winst. Dit percentage kan oplopen tot 28%, afhankelijk van hoeveel je investeert. Echter geldt er wel een drempelbedrag van €2.901 en moet het bedrag van iedere investering minimaal €450 zijn. Meer weten over de specifieke regels van de KIA? Lees onze blog over de kleinschaligheidsinvesteringsaftek.
Kosten maken om de belastbare winst te verlagen
Naast dat je gebruik kunt maken van de regelingen om de belastbare winst te verminderen is het maken van kosten met je onderneming ook een goede manier om de winst van je onderneming te verlagen en zo de belastingdruk te verminderen. Kosten noodzakelijk voor de bedrijfsvoering mogen namelijk afgetrokken worden van de winst van je onderneming. Wat hierin wel en niet mag is afhankelijk van de noodzaak voor het bestaan van je onderneming. Je kunt dus niet kosten maken om het kosten maken. Neem het voorbeeld opleidingskosten.
Opleidingskosten zijn aftrekbaar voor zzp’ers en andere ondernemers als de opleiding direct verband houdt met je huidige werkzaamheden. Stel, je bent een freelance grafisch ontwerper en je volgt een cursus om nieuwe ontwerpsoftware te leren die je direct in je werk gebruikt. Deze kosten zijn aftrekbaar omdat ze je huidige vakkennis verbeteren. Echter, als dezelfde ondernemer een opleiding volgt om een geheel nieuwe richting in te slaan, zoals een opleiding tot schoonheidsspecialist, om een ander vakgebied in te stappen, zijn deze kosten niet aftrekbaar. Ze hebben dan geen directe link met het huidige werk en worden gezien als privé-uitgaven.
Voorbeeld van John
Omdat het voor zzp’ers en ondernemers met een vof veel verschilt met ondernemers met een bv of nv hoe je het best om kan gaan met box 1. In beide gevallen wil je namelijk zo min mogelijk belasting betalen. In beide gevallen zijn er dus verschillende strategieën hoe je het beste je belastingdruk in box 1 kan verlagen.
John met B.V.
John is de eigenaar van Crowdlook B.V.. Crowdlook is een bedrijf dat ondernemers helpt bij crowdfunding om via deze manier een bedrijfsfinanciering op te halen. John bezit 100% van de aandelen en is als enige DGA van het bedrijf. Zijn meest verdienende medewerker is zijn manager die een salaris heeft van €70.000 per jaar. Hierdoor heeft hij zichzelf in het afgelopen jaar ook €70.000 moeten uitbetalen als loon. Daarnaast heeft John zijn onderneming dit jaar een winst behaald van €80.000. John weet dat er ruimte is om zijn salaris te verhogen zonder dat dit in de knoop komt met de bedrijfsvoering van zijn onderneming. John wil zich hierom in totaliteit een salaris van €100.000 uitkeren (€30.000 meer dan zijn DGA salaris). John vraagt zich echter af hoe hij dit het beste kan doen en of er wellicht geen andere mogelijkheden zijn om minder belasting te betalen.
Tips voor John met B.V.
Laten we beginnen dat het afhangt van jouw persoonlijke situatie aangezien elke situatie uniek is, en niet elke oplossing in elke situatie inzetbaar is. Zodra jij wilt weten wat het beste is om te doen in jouw situatie, kan je vrijblijvend contact opnemen met SFAA. Nu weer terug naar John:
Zoals eerder besproken, kan het verstandig zijn om slim gebruik te maken van Box 2. Het eerder gegeven rekenvoorbeeld geeft hier een duidelijk beeld van.
Situatie ondernemer zzp
John werkt als zzp’er als videograaf en heeft afgelopen jaar een hele goede winst gedraaid. Als zzp’er valt deze winst uiteindelijk in box 1. John wil het hoogste tarief vermijden en twijfelt wat de beste manier is om dat te doen.
Tips ondernemer zzp
Voor John is het belangrijk om zich bewust te zijn over het verschil tussen commerciële winst en fiscale winst. De belastingdienst bepaalt namelijk aan de hand van de fiscale winst hoeveel belasting John moet betalen. Om de fiscale winst te drukken, is het belangrijk om gebruik te maken van aftrekposten en fiscale regelingen. Hier gaan we in een ander blog dieper op in. Als zzp’er zijn er ook andere manieren om je winst te drukken. Zo kan je door kosten op te voeren de commerciële winst en daarmee ook de fiscale winst verlagen waardoor je minder belasting hoeft te betalen.
Stel John heeft een fiscale winst van €80.000 nadat hij gebruik heeft gemaakt van alle aftrekposten en fiscale regelingen waar John voor in aanmerking kwam. Zodra John van plan is om in de toekomst investeringen te doen, kan het verstandig zijn om deze investeringen naar voren te schuiven zodat hij de kosten opvoert waardoor de fiscale winst daalt.
Optie 1: Kosten niet opvoeren
Schijf 1: € 38.883 × 35,75% = € 13.901
Schijf 2: (€ 78.426 − € 38.883 = € 39.543) × 37,56% = € 14.852
Schijf 3: (€ 80.000 − € 78.426 = € 1.574) × 49,50% = € 779
€ 13.901 + € 14.852 + € 779 = € 29.532
Door geen kosten op te voeren zal John € 29.532 belasting te betalen aangezien zijn inkomen uit werk deels in het hoge tarief valt.
Optie 2: kosten opvoeren door investeringen te doen
John besluit investeringen op te voeren door toekomstige investeringen naar voren te schuiven. Zo investeert John in een nieuwe laptop, beeldscherm, telefoon en printer. Gezamenlijk zijn de kosten van deze investering €5.000. Door deze investeringen daalt de commerciële en dus fiscale winst ook daalt. Van €80.000 naar €75.000 waardoor John dan beduidend minder belasting betaalt:
Schijf 1: € 38.883 × 35,75% = € 13.901
Schijf 2: (€ 75.000 − € 38.883 = € 36.117) × 37,56% = € 13.566
€ 13.901 + € 13.566 = € 27.466
Door initiële investeringen naar voren te schuiven betaalt John €2.410 minder belasting over zijn inkomen. Het geld dat hij bespaart aan belasting, geeft hij nu wel uit in zijn onderneming. Hij ontvangt dus effectief wel minder geld direct op zijn rekening dan hij zou ontvangen als hij het wel als loon uitbetaalt, maar hij stopt het grotendeels in zijn bedrijf in plaats van het enkel als belasting te betalen. Het is dus belangrijk dat John zich goed bedenkt wat voor hem prioriteit heeft, investeren in zijn onderneming of zichzelf loon uitkeren.
Daarnaast kan hij met de investering in zijn bedrijf ook aanspraak maken op de KIA regeling, waardoor je nog eens (28% × € 5.000 = ) € 1.400 van je belastbare inkomen kan aftrekken.
Levi van Stralen
Levi werkt al sinds 2018 bij SFAA. Met al die jaren ervaring in het vak weet Levi ondertussen alles over finance. Levi heeft voordat hij ging werken zijn bacherlor’s degree ‘Finance & Control’ behaald aan het Windesheim. Vervolgens heeft Levi onwijs veel kennis opgedaan in de praktijk. Levi weet door zijn vele opgedane kennis ook de lastige financiële en fiscale vraagstukken op te lossen. Als senior consultent en fiscaal genie helpt hij je graag verder bij al je vraagstukken!
Contactformulier
Heb je vragen over Box 1? Neem contact met ons op! We staan klaar om je te helpen. Wij zorgen er voor dat je het ultieme belastingvoordeel behaalt met je onderneming. Zo betaal je nooit een euro te veel belasting.