Management Summary: Fiscale wijzigingen 2026 voor MKB
2026 brengt voor BV-ondernemers geen revolutie in de vennootschapsbelasting, maar wél een stapel wijzigingen die je cashflow, salaris/dividendmix en investeringsplannen raken. Het minimum gebruikelijk loon voor DGA’s gaat omhoog, box 1-schijven schuiven en de inflatiecorrectie in de inkomstenbelasting wordt beperkt. In box 2 blijft de tariefstructuur bestaan, maar de schijfgrens stijgt, waardoor dividendplanning nóg relevanter wordt. Ook veranderen parameters rond investeringsaftrek (zoals KIA/EIA), mobiliteit (bijtelling EV) en enkele heffingen die je kostenstructuur beïnvloeden (energie, leidingwater, CO₂-gerelateerde maatregelen). In deze blog lees je wat er wijzigt, wat dit praktisch betekent voor je BV en welke stappen je vóór en in Q1 2026 het meeste rust en voorspelbaarheid opleveren.
Inhoudsopgave
In 2026 verandert er meer dan tarieven: zo lees je de wijzigingen als BV-ondernemer
2026 is zo’n jaar waarin je niet “even alleen de tarieven” checkt. Juist de combinatie van loon, dividend, investeringen en werkgeverslasten bepaalt of je verrast wordt of juist controle houdt.
Waarom BV-ondernemers vooral op cashflow letten
In een BV kun je winst laten staan, investeren of uitkeren. Dat geeft speelruimte, maar ook keuzestress: salaris (box 1), dividend (box 2), vennootschapsbelasting in de BV en soms nog loonheffingen/werknemersregelingen. In 2026 schuiven meerdere knoppen tegelijk.
De drie plekken waar 2026 ‘pijn’ kan doen: loon, dividend, investeringen
De meeste verrassingen ontstaan in drie dossiers: je DGA-loon (en dus payroll), je dividendbesluit (timing en hoogte), en je investeringsplanning (welke aftrek waar en wanneer). Als je die drie beheerst, wordt 2026 vooral een optimalisatiejaar in plaats van schade beperken.
DGA-loon en box 1: hogere ondergrens en schuivende schijven
De BV is je onderneming, maar jij bent als DGA ook privé belastingplichtig. En daar gebeurt in 2026 genoeg om je nettoloon en je “ruimte voor dividend” te beïnvloeden.
Minimum gebruikelijk loon 2026: € 58.000 en wat “gebruikelijk” in praktijk betekent
Voor 2026 ligt het normbedrag voor loon van een aanmerkelijkbelanghouder op € 58.000. Dat betekent: als je nu op of rond de oude ondergrens zat, moet je payroll en je winstprognose opnieuw langs de meetlat leggen. Let op: “gebruikelijk loon” is niet alleen het normbedrag; in sommige situaties moet je hoger uitkomen (bijvoorbeeld als een vergelijkbare functie hoger beloond wordt).
Beperkte inflatiecorrectie en nieuwe box 1-schijven: effect op je netto
In 2026 wordt de inflatiecorrectie in de inkomstenbelasting beperkt toegepast (52,8% van de inflatiecorrectie), waardoor je relatief sneller in hogere schijven valt. Tegelijk wijzigen de box 1-tarieven en schijfgrenzen: de eerste schijf gaat naar 35,75% tot € 38.883 en de tweede schijf naar 37,56% tot € 78.426; het toptarief blijft 49,5%. Dit is precies het soort wijziging dat je voelt zonder dat je “iets verkeerd doet”, vooral als je salaris stijgt door de gebruikelijkloonregeling.
DGA salaris ↔ dividend – SFAA
Vul indicatief jouw winst en gewenste privé-opname in en krijg direct een globaal beeld. Wil je de volledige optimalisatie (incl. sliders, fiscaal partner en detailoverzicht)? Vul het formulier op deze pagina in om de complete tool te ontvangen.
De optimale balans bij de gewenste netto privé uitkering berekenen? Gebruik onze volledige tool gratis.
- 🔒Volledige optimizer die de voordeligste mix berekent.
- 🔒Detailoverzicht van VPB, box 1 en box 2.
- 🔒Fiscaal partner & scenario’s.
Let op: deze voorproef geeft een globale indicatie. Heffingskortingen, arbeidskorting, persoonlijke situatie en eigendomsaandelen zijn niet meegenomen.
Dividend en box 2 in 2026: drempel iets hoger, planning wordt belangrijker
Dividend is vaak het stuur waarmee je je persoonlijke belastingdruk en je private doelen (woning, buffer, beleggingen) afstemt op de BV-cashflow. In 2026 blijft de structuur, maar de details doen ertoe.
Box 2 tarieven 2026 en de schijfgrens van € 68.843
In 2026 geldt in box 2 een tarief van 24,5% tot € 68.843 en 31% over het meerdere bij het uitkeren van dividend. De schijfgrens ligt daarmee iets hoger dan in 2025. Op zichzelf is dat geen gamechanger, maar het maakt “dividend spreiden over jaren” en “tijdig besluiten” net iets waardevoller, zeker als je dividend in de buurt van de schijfgrens zit.
Dividendbelasting 15% blijft voorheffing: voorkom kasstroommisverstanden
De dividendbelasting blijft 15% en werkt als voorheffing: je BV houdt die in bij uitkering en draagt af, waarna je dit in box 2 verrekent. In de praktijk gaat het vaak mis op cashflow: ondernemers zien “15% ingehouden” en onderschatten dat de box 2-eindheffing hoger kan uitvallen, zeker boven de schijfgrens. Dat vraagt om een simpele dividendcalculus vóór je uitkeert, niet erna.
Vennootschapsbelasting 2026: tarieven gelijk, maar timing en onderbouwing tellen
Goed nieuws: de basis blijft overzichtelijk. Minder goed nieuws: juist omdat de tarieven gelijk blijven, komen fouten sneller door “vergeten keuzes” dan door onbekende regels.
Vpb 19%/25,8% blijft: wat betekent dat voor winstreserveren versus uitkeren?
In 2026 blijft de vennootschapsbelasting 19,0% tot € 200.000 belastbare winst en 25,8% daarboven. Voor veel MKB-BV’s is dit een uitnodiging om terug te gaan naar de kernvraag: hoeveel winst heb je nodig om te investeren en je werkkapitaal te beschermen, en hoeveel kun je verantwoord uitkeren? De juiste keuze is zelden “maximaal dividend” of “alles potten”; het is meestal een mix die past bij je groeiplan, risico’s en privédoelen.
Lenen bij je BV en ‘excessief lenen’: blijf binnen de spelregels
Veel DGA’s gebruiken de BV als financieringsbron, bijvoorbeeld via rekening-courant of een lening. In 2026 blijft het maximumbedrag voor “excessief lenen” op € 500.000 staan. Dat betekent dat je niet alleen naar rente en aflossing moet kijken, maar ook naar je totale schuldpositie richting de BV. Zeker als je dividend uitstelt en privé toch cash nodig hebt, is dit een valkuil.
Investeren en innovatie in 2026: KIA, EIA/MIA en WBSO slimmer benutten
Voor veel BV’s zit het echte voordeel niet in “een lager tarief”, maar in slim investeren en het benutten van regelingen die je fiscale winst drukken of je loonheffingen verlagen.
KIA en de geïndexeerde grenzen: kleine en middelgrote investeringen blijven interessant
De KIA-parameters (Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek) schuiven in 2026 mee: het maximale voordeel en de investeringsbandbreedtes worden geïndexeerd. Concreet: investeringen die je toch al wilde doen (software, kantoorinrichting, apparatuur, bedrijfsmiddelen) verdienen het om op timing en drempels te worden getoetst, zodat je niet per ongeluk nét buiten een gunstige bandbreedte valt.
EIA-plafond en samentelregel; WBSO en S&O-aftrek: reken het vooraf door
Voor de EIA blijft het percentage 40% en het maximale investeringsbedrag ligt in 2026 op € 153 miljoen, maar er komt een samentelbepaling: investeringen in je “eigen bedrijf” en in een gezamenlijk bedrijf worden bij elkaar opgeteld voor het plafond. In het MKB is dat vaak minder relevant qua plafond, maar wél relevant als je investeert via meerdere entiteiten of samenwerkingsvormen en je governance complexer wordt.
Werk je met R&D of productontwikkeling (denk aan software, platformontwikkeling, AI, hardware of technische innovaties), kijk dan ook naar WBSO en de S&O-aftrekbedragen die voor 2026 zijn vastgesteld. Zelfs als de regeling inhoudelijk niet wijzigt, maakt “wel of niet op tijd aanvragen en administreren” het verschil tussen voordeel of nul.
Auto van de zaak en mobiliteit: 2026 is het kantelpunt
Mobiliteit blijft één van de meest zichtbare fiscale dossiers: je ziet het maandelijks terug in bijtelling, leasekosten en werkgeverslasten.
Bijtelling nulemissieauto’s omhoog naar 18% in 2026; grondslag € 30.000
Voor 2026 gaat de bijtelling voor nulemissieauto’s naar 18% (algemeen bijtellingspercentage blijft 22%) en de maximale grondslag voor de verlaagde bijtelling blijft € 30.000. Als je nu een (nieuwe) EV overweegt of leasecontracten herijkt, hoort deze bijtellingsstap expliciet in je scenario’s, zeker als je meerdere auto’s in de BV hebt.
Extra prikkel richting emissievrij wagenpark en slimme alternatieven zoals fietsen
Het kabinet zet daarnaast in op een prikkel voor werkgevers richting emissievrije auto’s vanaf 2027, door werkgevers voor benzine- en dieselauto’s extra te laten betalen. Ook als dit nog niet in 2026 ingaat, is 2026 wél het jaar om je wagenparkstrategie vast te leggen, omdat contracten en vervangingscycli vooruitlopen. En mobiliteit is breder dan auto: voor deelfietsen wordt in 2026 geregeld dat er geen bijtelling geldt, wat interessant kan zijn voor teams die (deels) in de stad werken of hybride werken.
Verduurzaming en bedrijfskosten: energie, water en Europese CO₂-heffing
Ook als je geen productiebedrijf bent, raken milieubelastingen en Europese maatregelen je via energiekosten, leveranciersprijzen en contracten.
Energiebelasting en vaste korting; leidingwaterbelasting en het verdwijnen van het plafond
De belastingvermindering in de energiebelasting gaat in 2026 naar € 519,80 per elektriciteitsaansluiting. Daarnaast werkt het kabinet aan het afschaffen van het heffingsplafond in de belasting op leidingwater in stappen, waardoor grootverbruik relatief duurder kan worden. Dit is vooral relevant als je een kantoorlocatie, magazijn, werkplaats of meerdere vestigingen hebt en je servicekosten doorbelast (of juist niet).
CO₂-heffing op import (CBAM) en wat dat doet met je kostprijs en contracten
Vanaf 1 januari 2026 gaan importeurs in de EU meer betalen bij invoer van bepaalde CO₂-intensieve producten van buiten de EU (zoals staal/ijzer, aluminium en kunstmest). Ook als je zelf niet importeert, kan dit via je keten in prijzen doorsijpelen. Het loont om in 2026 je belangrijkste leverancierscontracten te checken op prijsindexatie en doorbelastingsclausules, zodat je marge niet langzaam weglekt.
Rekenvoorbeeld: wat betekenen de 2026-regels voor jouw totale belastingdruk?
Rekenen is de snelste manier om van “ik heb iets gelezen over 2026” naar “ik weet wat ik moet doen” te gaan. Hieronder een compact voorbeeld dat je één-op-één kunt vertalen naar jouw BV.
Scenario: winst € 300.000, dividend € 100.000, DGA-salaris minimaal
Stel: je BV heeft (na alle kosten, inclusief jouw salaris) een belastbare winst van € 300.000. Over € 200.000 betaal je 19,0% Vpb (€ 38.000) en over € 100.000 betaal je 25,8% (€ 25.800). Totaal Vpb is dan € 63.800 en er blijft € 236.200 winst na belasting over.
Keer je vervolgens € 100.000 dividend uit, dan houdt de BV 15% dividendbelasting in (€ 15.000). In box 2 betaal je over € 68.843 24,5% (€ 16.866,54) en over de resterende € 31.157 31% (€ 9.658,67). Totaal box 2-belasting is € 26.525,21. Omdat € 15.000 al is ingehouden, betaal je privé nog € 11.525,21 bij.
Wat je met dit voorbeeld kunt doen: dividend spreiden, investeren, salaris onderbouwen
Dit voorbeeld laat twee dingen zien. Ten eerste: dividend “kost” vaak meer dan alleen die 15% inhouding; zonder doorrekening kom je later cash tekort. Ten tweede: als je dividend rond of boven de schijfgrens uitkomt, kan spreiding (over jaren of binnen de mogelijkheden van je persoonlijke situatie) aantrekkelijk zijn. En ten derde: als je investeringsplannen hebt, kan het verstandig zijn om eerst te investeren (met KIA/EIA/MIA waar passend) en pas daarna te bepalen hoeveel ruimte er werkelijk is voor dividend, zodat je groei niet stiekem door dividend wordt gefinancierd.
Veelgemaakte fouten in 2026 en hoe je ze voorkomt
De meeste fiscale “schade” in BV’s komt niet door ingewikkelde constructies, maar door timing en ontbrekende onderbouwing.
Te laat bijsturen in payroll en dividendbesluiten
Als je payroll pas in maart wordt aangepast, loop je achter de feiten aan en moet je corrigeren met nabetalingen of een lastige eindejaarsreparatie. En als je dividend pas uitkeert wanneer je “wel ziet hoeveel er op de bank staat”, mis je de kans om te sturen op box 2-schijven en op je liquiditeitsbuffer. De oplossing is saai maar effectief: vóór of uiterlijk in januari een jaarplan met salaris, dividendrange en investeringsruimte.
Geen ‘audit trail’ bij investeringsaftrek en R&D-claims
Investeringsaftrek en WBSO zijn geen “gratis geld”, maar regelingen met voorwaarden. Als facturen, betaalbewijzen, specificaties en projectadministratie niet kloppen, verandert een gepland voordeel in een correctie (plus tijdverlies). Zorg dat je administratie niet alleen compleet is, maar ook logisch te volgen, liefst zo dat je er zelf dashboards uit kunt halen voor marge, cash en belastingpositie.
Conclusie fiscale wijzigingen voor BV´s in 2026
2026 vraagt niet om méér administratie, maar om betere beslissingen op de momenten die ertoe doen.
2026 vraagt om scherpere planning, niet om meer administratie
De kern: Vpb-tarieven blijven gelijk, box 2 blijft tweeschijvig en dividendbelasting blijft 15%, maar de combinatie van hoger DGA-loon, verschuivende box 1, bijtelling EV en wijzigingen rond investeringsaftrek en heffingen maakt dat “op gevoel” sturen je sneller geld kost.
Wanneer je direct actie moet nemen
Als je (a) een DGA-salaris rond de ondergrens hebt, (b) dividend wilt uitkeren in 2026, (c) een auto(’s) of leasecontracten gaat vernieuwen, of (d) investeringen/R&D op de planning hebt, dan is dit geen “later-in-het-jaar”-dossier. Dan hoort het in je Q1 2026 cockpit.
Adviesblok voor MKB-ondernemers
Als je één ding meeneemt: maak 2026 voorspelbaar door salaris, dividend, investeringen en mobiliteit samen te bekijken, niet als losse puzzels.
In 90 minuten naar een 2026-belastingscan
Hoe SFAA je helpt met rust, dashboards en voorspellende sturing
Hoe SFAA je helpt met rust, dashboards en voorspellende sturing
Wil je dit structureel goed neerzetten zonder dat jij wekelijks met bonnetjes en spreadsheets bezig bent, dan past een combinatie van strakke administratie, periodieke fiscale/financiële check-ins en een simpel dashboard met cash- en belastingpositie het best. SFAA kan je daarbij ontzorgen: van het op orde brengen en automatiseren van je administratie tot het opzetten van kwartaalrapportages en scenario’s (salaris/dividend/investeringen), zodat je alleen nog een seintje krijgt als je runway, marge of belastingpositie afwijkt van plan.
Benieuwd wat dit voor jouw BV oplevert in 2026? Plan dan een gratis gesprek van 30 minuten in. We kijken kort naar je situatie en je krijgt direct concrete aandachtspunten mee.
Contactformulier
Heb je vragen over schenken, erven en de belastingen die hier mee gemoeid zijn. Neem contact met ons op! We staan klaar om je te helpen. Wij zorgen er voor dat je het ultieme belastingvoordeel behaalt.
Rik Brouwer
Rik Brouwer werkt sinds maart 2024 bij SFAA, en is inmiddels doorgegroeid tot Customer succes manager. Na het behalen van zijn Master of Business Administration: strategy & organization aan de Vrije Universiteit van Amsterdam is hij bij SFAA aan de slag gegaan en heeft hij zich snel bewezen als een sterke schakel binnen het team. Zijn inzet en expertise dragen bij aan de groei en klanttevredenheid van het bedrijf. Rik vindt het contact met de klant een cruciale activiteit, daardoor speelt hij een belangrijke rol in het onderhouden van klantrelaties binnen SFAA.